| Jaar | Onderwijsniveau: Hbo, wo | Totaal personen |
|---|---|---|
| 2020 | 75,1% | 64,3% |
| 2021 | 78,3% | 67,7% |
| 2022 | 80,1% | 67,5% |
| 2023 | 80,9% | 70,7% |
| 2024 | 80,6% | 70% |
Bron is het CBS-onderzoek onder personen van 12 jaar en ouder in particuliere huishoudens. Percentages zijn geen advertentiebereik. Geselecteerd kenmerk 2018790, indicator ProgrammaSFilmsOfSeriesKijken_23.
De meetreeks voor Hbo, wo
Voor Onderwijsniveau: Hbo, wo geeft de beschikbare reeks bij ‘Programma’s, films of series kijken ’ de volgende opeenvolgende uitkomsten: 2020 (75,1%), 2021 (78,3%), 2022 (80,1%), 2023 (80,9%), 2024 (80,6%). Tussen 2020 en 2024 verandert het gemeten aandeel binnen Hbo, wo met +5,5 procentpunt. Over dezelfde meetpunten bedraagt de landelijke verandering +5,7 procentpunt, van 64,3 procent naar 70 procent. De grootste opeenvolgende stap voor deze groep ligt tussen 2020 en 2021 (+3,2 procentpunt). In 2024 loopt het door CBS gegeven 95%-interval voor Onderwijsniveau: Hbo, wo van 78,9 procent tot 82,2 procent. De breedte van 3,3 procentpunt hoort bij de schatting van 80,6 procent.
Programma’s, films of series kijken bij andere groepen
Binnen het kenmerk onderwijsniveau staat Havo, vwo, mbo2-4 met 72,1 procent het dichtst bij Hbo, wo (80,6 procent). De afstand tot Basis, vmbo, mbo1 op 56,8 procent bedraagt 23,8 procentpunt; tot Havo, vwo, mbo2-4 op 72,1 procent is de afstand 8,5 procentpunt. In 2024 zijn in deze vergelijking 0 andere groepen boven 80,6 procent uitgekomen. De op één decimaal gepubliceerde uitkomst voor Hbo, wo is in deze vergelijking niet gedeeld. Dat verschil is beschrijvend; twee steekproefuitkomsten geven op zichzelf geen bewijs voor een verschil in advertentierespons.
Andere activiteiten binnen dezelfde steekproef
Bij Hbo, wo ligt online televisie kijken op 81,6 procent, en sociale netwerken gebruiken op 79,3 procent. De groep rapporteert voor internet op een desktop 42,6 procent. Tegenover 80,6 procent voor ‘Programma’s, films of series kijken ’ levert dat een afstand op van 38 procentpunt. Niet iedereen die meetelt bij online televisie kijken komt ook voor in ‘Programma’s, films of series kijken ’. Voor een mediaplan biedt de bron geen uitsplitsing van precies die overlap. Schrijf dus niet dat Hbo, wo via de twee middelen samen 162,2 procent bereik levert.
De grootste absolute afwijking van het landelijke aandeel onder de hier gekozen activiteiten voor Hbo, wo hoort bij online nieuws lezen: 88,3 procent voor de groep en 72,1 procent voor alle personen samen. Bij internet thuis bedraagt dat verschil +1 procentpunt. Voor ‘Programma’s, films of series kijken ’ is de afstand +10,6 procentpunt. In een campagne voor Onderwijsniveau: Hbo, wo zou je daarom een lange uitleg opdelen in zelfstandig kijkbare hoofdstukken apart testen van wat mensen in 2024 in deze enquête rapporteerden.
Test het concrete contactmoment
Voer de uitvoering zo uit: laat iemand via de hoofdstuktitels direct de passage over de kosten terugvinden. De concrete tegenproef is een titelbeeld zonder aanwijzing waar het verhaal naartoe gaat. Combineer de observatie uit die test met de gebruikscijfers voor Hbo, wo: 80,6 procent bij ‘Programma’s, films of series kijken ’, 81,6 procent bij online televisie kijken. Wat moet je aan de uiting veranderen als iemand het medium wel gebruikt maar de bedoelde handeling niet kan uitvoeren? Gebruik een nieuw testverslag om die vraag te beantwoorden.


