| Jaar | Leeftijd: 12 tot 25 jaar | Totaal personen |
|---|---|---|
| 2020 | 93% | 78,1% |
| 2021 | 91% | 77,9% |
| 2022 | 89,9% | 76,5% |
| 2023 | 96,8% | 81,3% |
| 2024 | 98% | 82,1% |
Bron is het CBS-onderzoek onder personen van 12 jaar en ouder in particuliere huishoudens. Percentages zijn geen advertentiebereik. Geselecteerd kenmerk 80005, indicator VideoSOfFilmpjesKijken_22.
De meetreeks voor 12 tot 25 jaar
Voor Leeftijd: 12 tot 25 jaar geeft de beschikbare reeks bij ‘Video’s of filmpjes kijken ’ de volgende opeenvolgende uitkomsten: 2020 (93%), 2021 (91%), 2022 (89,9%), 2023 (96,8%), 2024 (98%). Tussen 2020 en 2024 verandert het gemeten aandeel binnen 12 tot 25 jaar met +5 procentpunt. Over dezelfde meetpunten bedraagt de landelijke verandering +4 procentpunt, van 78,1 procent naar 82,1 procent. De grootste opeenvolgende stap voor deze groep ligt tussen 2022 en 2023 (+6,9 procentpunt). In 2024 loopt het door CBS gegeven 95%-interval voor Leeftijd: 12 tot 25 jaar van 96,9 procent tot 98,8 procent. De breedte van 1,9 procentpunt hoort bij de schatting van 98 procent.
Video’s of filmpjes kijken bij andere groepen
Binnen het kenmerk leeftijd staat 25 tot 35 jaar met 96 procent het dichtst bij 12 tot 25 jaar (98 procent). De afstand tot 75 jaar of ouder op 33 procent bedraagt 65 procentpunt; tot 25 tot 35 jaar op 96 procent is de afstand 2 procentpunt. In 2024 zijn in deze vergelijking 0 andere groepen boven 98 procent uitgekomen. De op één decimaal gepubliceerde uitkomst voor 12 tot 25 jaar is in deze vergelijking niet gedeeld. Dat verschil is beschrijvend; twee steekproefuitkomsten geven op zichzelf geen bewijs voor een verschil in advertentierespons.
Andere activiteiten binnen dezelfde steekproef
Bij 12 tot 25 jaar ligt internet op een smartphone op 99,3 procent, en internet thuis op 99,4 procent. De groep rapporteert voor goederen of diensten online verkopen 31,2 procent. Tegenover 98 procent voor ‘Video’s of filmpjes kijken ’ levert dat een afstand op van 66,8 procentpunt. Niet iedereen die meetelt bij internet op een smartphone komt ook voor in ‘Video’s of filmpjes kijken ’. Voor een mediaplan biedt de bron geen uitsplitsing van precies die overlap. Schrijf dus niet dat 12 tot 25 jaar via de twee middelen samen 197,3 procent bereik levert.
De grootste absolute afwijking van het landelijke aandeel onder de hier gekozen activiteiten voor 12 tot 25 jaar hoort bij online spellen gebruiken: 74,5 procent voor de groep en 49,2 procent voor alle personen samen. Bij internet thuis bedraagt dat verschil +0,9 procentpunt. Voor ‘Video’s of filmpjes kijken ’ is de afstand +15,9 procentpunt. In een campagne voor Leeftijd: 12 tot 25 jaar zou je daarom een verticale video die zonder geluid werkt apart testen van wat mensen in 2024 in deze enquête rapporteerden.
Test het concrete contactmoment
Voer de uitvoering zo uit: bekijk de eerste vijf seconden gedempt en controleer of de handeling zelfstandig duidelijk is. De concrete tegenproef is een ondertitel die door de bedieningsbalk wordt afgedekt. Combineer de observatie uit die test met de gebruikscijfers voor 12 tot 25 jaar: 98 procent bij ‘Video’s of filmpjes kijken ’, 99,3 procent bij internet op een smartphone. Wat moet je aan de uiting veranderen als iemand het medium wel gebruikt maar de bedoelde handeling niet kan uitvoeren? Gebruik een nieuw testverslag om die vraag te beantwoorden.




